De kern van de tussenwervelschijven bestaat voor het grootste deel uit water. Bij het ouder worden verliest de kern een deel van dit water waardoor de discus droger wordt, in hoogte vermindert en de diameter algemeen vergroot. Dit noemt men discusdegeneratie of slijtage van de discus.

Door het verlies in hoogte van de tussenwervelschijf - we krimpen naarmate we ouder worden - zakken de wervels als het ware dichter op elkaar en worden de achterste wervelgewrichtjes anders belast. De gewrichtskapsels komen op een abnormale manier onder spanning te staan bij het bewegen van de rug, wat pijn kan veroorzaken ter hoogte van die facetgewrichtjes. Dit wordt dan facetpijn of gewrichtskapselpijn genoemd.

 Op de duur treedt er ook slijtage (degeneratie of artrose) op ter hoogte van deze facetgewrichten. Dit is op zich niet altijd pijnlijk, maar de beweeglijkheid van de rug vermindert wel ter hoogte van deze wervels, waardoor andere wervels te veel moeten bewegen om dit verlies te compenseren. Daardoor kunnen dan weer andere weefsels beschadigd worden en pijn gaan doen. Er is geen verband tussen wat men op een RX te zien krijgen en de klachten waarmee de patiënt zich presenteert.

Degeneratie van één of meer gewrichten berust niet op ontsteking, maar is gekenmerkt door onder andere vervorming van het gewrichtsbot, abnormale botwoekering (osteofyten of papegaaienbekken) en atrofie van slijmvlies en gewrichtskraakbeen, soms gevolgd door secundaire ontsteking van het omringende weefsel (pezen, ligamenten, periost), meestal verergerd door de jarenlange te zware belasting van het gewricht.

 Meer aandoeningen: lumbago, herniaischias, osteoporose, de ziekte van Bechterew, scoliose